oorlog

het groen schakeert
valt uiteen, bulkt samen

als een heus woud
drijven takken de lucht uiteen

onder wortelt het kleinspul
onaangenaam onaangedaan
kieren vullend van geen landschap

het grootwild slentert, geeuwt
het kleinwild rilt morgendauw af

een man hurkt neer
met rechts als steun een geweer
de rug in de holte van een grot

in de lucht razen doelbewuste
strepen van verderf

'amerikanen zijn net vrouwen' denkt hij
'ze hebben geen ziel'