waarom?

'de diepste roerselen van mijn ziel'
waarop slechts rijmt steriel debiel seniel.
wat is dit voor een woordgepiel met
een innerlijk landschap zo plat getreden
dat alleen een polder het kan verbeelden
'in wijde vlakten strekt mijn ziel zich uit'
er valt niets te beleven
de ziel is vreselijk togend
en de roerselen verroeren niet
- wat is nu nog verdriet?

de molshopen de pollen de vijgen
kunnen niet de waarde krijgen die bergen
en dalen en snel stromende beken halen.
de vuile sloten zonder diepgang geven
geen allure aan een innerlijke drang
'mijn ziel is als de blauwe drek die als
een weke schoot de sloot een bedding biedt'
er valt niets te beleven
de ziel is hier niet diep
wat zich hier roert zijn koude vissen
wie zal hier naar een oorsprong gissen?

de bomen die hier krom staan van de wind
zo krom als vroeger ook de boeren
hun stammen en hun kruinen benadrukken slechts
de vlakheid van zoveel zielenrust
alleen de wind kan hier heel erg stormen
'met tomeloze windkracht tien’ voer ik
in mijn kielzog mee om op de klippen mijn ziel
een huis te bouwen,
want mijn ziel is jong en krom
en stelt een steeds eendere vraag: waarom?